Tunesië ontvangt jaarlijks meer dan 10 miljoen internationale toeristen. Een groot deel daarvan strijkt neer bij de zwembaden in de resorts en op de stranden langs de vele honderden kilometers lange kustlijn. Tunesië heeft zoveel meer te bieden. We trotseerden de zomerse hitte en lieten het strandbedje en de glijbaan achter ons om meer van Tunesië te ervaren. Langs de kust reden we via Sousse naar Monastir en trokken vervolgens het binnenland in naar Kairouan.

Beste reistijd Tunesië
De zomer in Tunesië kan zinderend warm zijn. Niet alleen in de Sahara. Zeker in de steden met minder groen en meer steen loopt de temperatuur al gauw op en is het zweten geblazen. Zelfs in de schaduw is het nauwelijks koeler. Prima voor op strand of bij het zwembad, maar minder prettig om een stad te verkennen. Het voor- en najaar lenen zich veel beter om meer van Tunesië te ontdekken.
Sousse is een levendige stad
Sousse is een drukke, levendige stad met bijna een kwart miljoen inwoners. Het heeft een medina, een ribat en een grote moskee. Hier speelt het Tunesische stadsleven zich af. Op het plein voor de grote moskee van Sousse wapperen de Tunesische vlaggetjes in de warme wind. De meeste passanten zoeken de schaduw van de hoge muren van de moskee op. Augustus is een pittige maand waarin het kwik regelmatig de 40 graden overschrijdt. De meeste toeristen liggen overdag aan het zwembad of op de stranden van het nabijgelegen Port El Kantaoui, dat veel resorts telt. Het is vanaf Sousse een half uurtje rijden naar Monastir.








Het Monastir van Habib Bourguiba
In het hart van veel Tunesiërs heeft Monastir een speciaal plekje. Het is geen grote of heilige stad, maar wel de geboortestad van Habib Bourguiba, die door veel Tunesiërs wordt beschouwd als de vader van de natie. Hij leidde Tunesië in 1956 naar de onafhankelijkheid en was de eerste president. De modernisering die hij doorvoerde op onder meer onderwijs en vrouwenrechten werden zeer gewaardeerd. Lang voor zijn dood gaf hij opdracht tot de bouw van zijn mausoleum in Monastir op Sidi El Mézeri. Na zijn overlijden in 2000, op 96-jarige leeftijd, werd hij bijgezet. Het mausoleum waarin veel marmer is verwerkt heeft een gouden koepel, geflankeerd door twee groene koepels en twee minaretten. Twee wachters staan in vol ornaat naast de tombe. Het mausoleum is gratis te bezoeken.





Ribat van Monastir
Al in de achtste eeuw werd begonnen met de bouw van de ribat van Monastir om de stad te beschermen tegen aanvallen van de Byzantijnen. In de loop van de eeuwen is het gebouw talloze keren verbouwd. In de ribat worden historische voorwerpen tentoongesteld uit de omgeving. De wachttoren is één van de oudste delen van de ribat en nog steeds te beklimmen. Via een smalle wenteltrap klimmen we naar boven voor een weids uitzicht over Monastir. Pas dan valt de omvang van het mausoleum en de aangrenzende begraafplaats op. De fraaie islamitische architectuur van de ribat maakt het een geliefde filmlocatie. Voor een paar euro entree hoef je een bezoek aan de ribat niet te laten.






Door het binnenland naar Kairouan
De strakke snelweg gaat over in regionale wegen die dorpjes met elkaar verbinden. Richting het binnenland verandert het landschap. Olijfbomen nemen de overhand, cactussen verschijnen, aloë-veravelden groeien langs de berm. Ooievaars hebben hun nesten gebouwd bovenop elektriciteitsmasten. Twee tapijten sieren de grote rotonde bij binnenkomst van Kairouan. Het is namelijk ook de tapijtstad van Tunesië. Op straat is het behoorlijk druk en een aantal wegen is afgezet. Het is namelijk Mawlid, de viering van de geboorte van de profeet Mohammed. Er wordt druk geveegd en gepoetst. Met handkarren worden de vele plastic flessen verzameld.


Dwalen door Kairouan
Het is heerlijk dwalen door de smalle, witte straatjes. Overhangende bloemranken en blauwe deurtjes maken het doolhof van de medina erg fotogeniek. Naast woonhuizen en werkplaatsen bevinden zich binnen de muren van de medina maar liefst 80 moskeeën. Het merendeel van deze moskeeën is van buitenaf bijna niet als zodanig te herkennen. Vaak gaat het om kleine gebedsruimten. Het draait in Kairouan om maar één moskee; de Grote Moskee van Kairouan.








Grote Moskee van Kairouan
Vanwege de festiviteiten is de hoofdingang en de binnenplaats van de grote moskee helaas gesloten. Alle andere ingangen zijn alleen voor moslims toegankelijk. Meer dan een vluchtige blik naar binnen is niet mogelijk. Een wandeling om de moskee geeft een goede indruk van de omvang ervan. Kairouan is de heiligste stad van Tunesië. Voor veel Tunesiërs staan zeven pelgrimstochten naar de stad gelijk aan een bezoek aan Mekka. In de islamitische wereld heeft de stad veel aanzien en staat het na Mekka, Medina en Jeruzalem als vierde op het lijstje van heilige steden.


Niet alle kamelen lopen in de woestijn
Generaal Nafi verloor zijn gouden beker in de Zamzam put in Mekka en vond deze weer terug in de Bir Barouta waterput in Kairouan. Die legende was voldoende om te geloven dat beide putten ondergronds met elkaar waren verbonden en Kairouan mede op basis daarvan een heilige status verdiende. Bir Barouta met zijn heilige water ligt in de medina van Kairouan. Het water wordt nog steeds op traditionele wijze met behulp van een kameel gewonnen. Het dier is vastgeknoopt aan twee buizen en heeft net voldoende ruimte om rondjes te lopen rond een waterrad dat zo in beweging komt. Bezoekers staan in een lange rij om de traditie te aanschouwen.


Tapijtstad van Tunesië
Behalve de heiligste stad is Kairouan ook de tapijtstad van Tunesië. Geknoopte wollen tapijten worden er al eeuwen geproduceerd. In kleine weverijen rondom de medina wordt druk gewerkt. Maison du Bey is de voormalige residentie van de gouverneur. Nu ligt het prachtige pand vol tapijtjes wat een fotogeniek geheel vormt. Vanaf het dakterras heb je een mooi uitzicht over Kairouan. Natuurlijk verkopen ze je ook graag een tapijtje dat zonder problemen naar Europa kan worden verstuurd. Een vriendelijk nee is voldoende om verder rustig rond te kunnen snuffelen.




